Not Found

The requested URL was not found on this server.

Additionally, a 404 Not Found error was encountered while trying to use an ErrorDocument to handle the request.

Jan Willems: geen leven zonder voetbal | COVS Den Bosch e.o.

Jan Willems: geen leven zonder voetbal

Als jongste telg uit een gezin van drie kinderen groeide hij op in de Maastrichtse wijk Caberg. Een wijk met twee voetbalclubs. De protestantse vv Caberg en de katholieke RKVVL. De laatste vereniging was voor hem de enige optie, waar hij het eerste elftal heeft gehaald. Na de Mavo ging hij werken in de kruidenierswinkel van zijn ouders, maar toen de liefde in het spel kwam, verhuisde hij naar Rosmalen. Als snel ruilde hij de passie voor MVV in voor FC Den Bosch. Toen hij in 1994 definitief als voetballer afgekeurd werd, hervond hij zijn grootste passie in de vorm van scheidsrechter. Als we vernemen dat hij net gepromoveerd is naar groep drie vinden wij het de hoogste tijd voor een portret van Jan Willems.

Naast vpetbal is hond Dorus erg belangrijk in mijn leven…

Interview uit 2005 door Yoerak J. van Voorst

Hoe ben je in de voetballerij terechtgekomen?
Op jonge leeftijd ging ik voetballen bij RKVVL in de wijk Caberg. Bij die club heb ik één jaar in het eerste elftal gespeeld. Het jaar daarop kreeg ik andere interesses die een gezonde jongen van die leeftijd heeft. Naast actief kijk ik ook veel passief naar voetbal. Ik sla zelden of nooit een voetbalwedstrijd over.

Waarom ben je scheidsrechter geworden?
Voetbal is mijn passie. Het leukste dat er is. Ik heb altijd gevoetbald. Twee hernia’s in jaren 90 hielden mij als voetballer aan de kant. Bij OJC was ik leider bij F-pupillen in van het elftal van Frank, maar wilde wat meer doen voor OJC. Bij het tweede heb ik een jaar gevlagd, maar daar kon ik mijn ei niet kwijt. Toen is de interesse in het fluiten ontstaan. Ik ben toen de cursus gaan volgen bij Hans ten Hove.

Wat betekent de COVS voor jou?
Niet zo actief door mijn werk. Maar ik vind het wel belangrijk. Je bent op die manier toch als team met een gemeenschappelijke hobbie bezig.

Wat kan de COVS van jou verwachten?
Voor commissies en hand- en spandiensten ben ik altijd te porren, mits ik natuurlijk tijd heb.

Je eerste wedstrijd als scheidsrechter?
In het eerste jaar bij de jeugd heb ik het niet bijgehouden, dus wat toen mijn eerste wedstrijd was weet ik niet meer. De eerste wedstrijd bij de senioren was Avanti 2 tegen Schijndel 2 voor de beker. (uitslag 0-0) Voetballers denken vaak dat ze de spelregels kennen, maar in de praktijk valt dat nogal eens tegen. Wat mijzelf betreft steek ik veel op van andere scheidsrechters hoe die een wedstrijd leiden en aanpakken. In het begin dacht ik ook dat fluiten doe ik wel eventjes, maar in de praktijk valt dat tegen. In mijn eerste wedstrijd zal ik mij kennende vast wel zenuwachtig zijn geweest.

Wie was je voorbeeld als voetballer?
Willem van Hanegem. Om zijn techniek en ik was zelf ook geen loper, dat liet ik het team liever doen. Vroeger bij partijtjes was ik dan ook steevast ‘de Kromme’.

Wie was je voorbeeld als scheidsrechter?
Ik heb geen speciaal voorbeeld. Ik bekijk dat per wedstrijd. Lou van Ravens, Jan Keizer en Charles Korver spreken mij wel aan en de klasse van Collina is dat hij zich een fout mag permitteren.

Anekdote als scheidsrechter?
Ik was twee jaar geleden aangesteld voor de wedstrijd Hurwenen – Den Dungen. Tot overmaat van ramp was ik mijn sokken vergeten. Ik ben toen naar de terreinknecht gegaan om te vragen of hij zwarte sokken had. Hij kwam terug met gele sokken. Ik zei ideaal is het niet, maar het moet maar. Tijdens de warming up zag ik tot mijn verbijstering dat Hurwenen zwarte sokken aan had. Ik ben toen naar de trainer gegaan en liet hem de gele sokken zien. ‘Kan niet he’. Inderdaad, zei de trainer en hij regelde zwarte sokken voor mij.

Wat is je mooiste wedstrijd als scheidsrechter?
De promotiewedstrijd Waalkanters – Wadenoijen, een wedstrijd uit de vijfde klasse. Prachtig weer met zeshonderd toeschouwers. Zoiets vergeet je niet snel.

De gestaakte wedstrijd:
Eén keer heb ik een wedstrijd moeten staken. RKDSV tegen Broekhoven voor de beker. Een kwartier voor het eind gaf ik een speler een rode kaart en daarna voelde ik me bedreigd. Ik heb tien minuten in een gesloten kleedkamer gezeten en tegen mezelf gezegd dat ik niet verder moest gaan. Ik heb daar een rotgevoel aan overgehouden, zoiets moet niet te vaak voorkomen. De COVS wordt hierin steeds sterker om een betreffende scheidsrechter op te vangen.

Moet een scheidsrechter zelf gevoetbald hebben?
Ik vind dat wel een pré. Je voelt de spelers veel eerder aan en je weet wat spelers doormaken. Dat wil niet zeggen dat een scheidsrechter die niet gevoetbald heeft per definitie een slechte scheidsrechter is. Dat kan ook een goede zijn.

Moet een rapporteur gefloten hebben?
Zeker. Dat staat buitenkijf.

Wat zou je willen terugdraaien? (regel of verandering)
Buitenspel moet je nooit afschaffen. Daar draait het tactische spelletje om. Je kunt wel aan een extra lijn denken waar je buitenspel kunt staan. Ik begrijp het experiment van de regel over het niet meer mogen aanraken van de bal na het fluitsignaal. Volgens mij was die er al, maar hij wordt tijdens het WK veel te streng en verkeerd toegepast. Scheidsrechters tijdens dat WK laten zien dat ze in het gareel lopen van de FIFA en neergezet worden als robotjes.

Wat vind je de mooiste regel?
De voordeelregel vind ik de mooiste regel, daar maak ik graag gretig gebruik van.

Hoogtepunt:
Dat ik in de voetballerij actief kan blijven als scheidsrechter na mijn hernia. Een prijs in de loterij.

Dieptepunt:
De gestaakte wedstrijd RKDSV tegen Broekhoven.

Clubliefde:
Als jochie ging ik met m’n vader naar de Geuselt om naar MVV te kijken. Toen ik in Rosmalen kwam wonen, ben ik direct supporter geworden van FC Den Bosch. Ik kijk nu eenmaal graag naar voetbal.
De wedstrijd Ajax-MVV die MVV met 3-6 won, ligt nog vers in mijn geheugen. In die wedstrijd scoorde Cees Schapendonck drie keer.
Vroeger hield ik op zondag de stadsbus in Maastricht goed in de gaten. Als de stadsbus met een vlaggetje reed ging de wedstrijd door. Mijn zondag was al verpest als er geen vlaggetje op de bus zat.

Stelling 1: Betaald voetbal heeft fulltime scheidsrechters nodig
Dat denk ik wel. Je kunt bijna niet meer anders. Er moet zoveel tijd in gestoken worden. Om het niveau omhoog te halen, is het absoluut noodzakelijk dat er meer geld in gestoken wordt.

Stelling 2: Het rapportage systeem is achterhaald
Hoe ze het ook doen, discussie blijf je altijd houden. Het huidige systeem moet niet te wisselvallig zijn.

Twee rapporteurs dan…
Dat wordt dan wel duur, maar dat zou een oplossing kunnen zijn. Ik denk dat het niet haalbaar is. Hetzelfde geldt voor twee scheidsrechters. De voetbalsport is dat niet gewend. Meer neutrale assistenten lijkt me dan meer op z’n plaats. Het hanteren van de vlag is soms moeilijker dan fluiten. Het vergt concentratie en je komt ogen te kort. Als de assistent in de fout gaat is het vaak gelijk cruciaal.

Technische hulpmiddelen?
Ik ben voorstander om elk technisch hulpmiddel die beschikbaar is toe te laten. Een misser kost wat dat betreft teveel om daarin achter te blijven. 

De strafcorner moet zijn intrede doen in het voetbal
Het zal zeker attractief worden, maar dat maken wij niet meer mee. 

Als voetbal niet zou bestaan…
(Roept Gertie erbij) Ik kan me dat niet voorstellen. Voetbal heeft altijd in mijn leven gestaan.

het imago van scheidsrechters is te negatief in de media?
Scheidsrechters zouden uitgenodigd moeten worden bij studio sport om tekst en uitleg te geven bij situaties. Dat zou een hoop twijfels wegnemen en discussies voorkomen.

Opmerkelijkste wedstrijd:
Nederland- Brazilie tijdens het WK van 1974. Ik was daar zelf bij. 

Stelling 3: Nederlandse scheidsrechters worden onderschat bij de Uefa en Fifa
Oneens. Het niveau in Nederland is gewoonweg minder dan we hadden. Een goede scheidsrechter is iemand die de wedstrijd aanvoelt en op het juiste moment ingrijpt.

Hoe zie je de toekomst van de scheidsrechter?
Goed, maar we moeten eraan blijven werken. Het gedrag jegens de scheidsrechter zie ik als een verantwoorelijke taak van de clubs zelf. Die moeten spelers en begeleiders erop aanspreken. Respect naar elkaar toe laat vaak te wensen over.

Hoe krijgen we de leden naar de clubavonden?
Een persoonlijke benadering en een eigen clubhuis, delen met een vereniging uit een andere sport, zullen positief bijdragen aan het resultaat.

Vers is het lekkerst
//